Contact met uw bond
033-4953020


Toenemende missiedruk risico voor inzetgereedheid krijgsmacht

Veel improvisatie, veel houtje, touwtje en duct tape. Met andere woorden: “Gebrek aan materieel, onvoldoende training, defecte onderdelen.” Defensie slaagt er Ws Moeizaam Mali UN flack jacketslechts met veel kunst en vliegwerk, pijn en moeite in “om eenheden gereed te stellen en te houden voor de inzet in Mali.” Dat concludeert de Algemene Rekenkamer in haar onderzoeksrapport ‘Inzet Nederlandse krijgsmacht voor VN-missie in Mali-Goed improviseren vergt goede voorbereiding’.

Het kraakt en het piept niet alleen bij de Landmacht om de ‘Mali-missie’ gaande te houden, ook de andere krijgsmachtdelen worden in de malaise meegesleurd volgens de Rekenkamer. Voor een bepaalde missie worden immers meestal eenheden of delen daarvan samengevoegd tot een specifieke taakgroep. De leveranciers van mensen en materieel ondervinden daar weer hinder van in hun eigen opwerktraject.

“Doordat ze vervolgens zelf ook weer middelen onttrekken aan andere eenheden, ontstaat een vicieuze cirkel van afnemende gereedheid, die steeds meer ad hoc en improviserend moet worden gecompenseerd.” De effecten van zo’n missie op de krijgsmacht zijn vaak groter dan de omvang van de missie doet vermoeden. “Ook al is die missie in grootte en doorlooptijd beperkt”, schrijft de Rekenkamer.
Al in de voorbereiding van de missie, zo blijkt uit het onderzoek, wordt gerekend op “het improviserend vermogen van de mensen ter plaatse. Goed improviseren kan echter alleen op basis van een goede voorbereiding.”

Kwetsbaar door ‘can do’-mentaliteit
De politiek beslist over het al of niet participeren van Nederland in een (VN of NAVO) missie zonder daarbij de inzetgereedheid van de krijgsmacht ten volle mee te wegen.[1] Een krijgsmacht die nooit, althans hoogst zelden, ‘nee’ verkoopt. Zo’n reactie staat immers haaks op de diepgewortelde ‘can do’-mentaliteit van de krijgsmacht. “Op deze wijze wordt (deze mentaliteit) van een sterk wapen tot een kwetsbaarheid”, stelt de Rekenkamer vast.
Ws Moeizaam Mali locatie castor Mali
In haar onderzoek heeft ze in het kader van de MINUSMA-missie, met name gekeken naar de verkennerseenheid (LRRPTG) die in 2017 in het West-Afrikaanse land onder meer informatie vergaarde in afgelegen gebieden. De eenheid werd slecht getraind naar Mali uitgezonden met name doordat de politiek pas laat tot haar inzet besloot. Men kon nauwelijks oefenen door gebrek aan materieel dat bij andere onderdelen in gebruik was.
In Mali werden de verkenners geconfronteerd met kaduke voertuigen de nauwelijks nog te repareren waren. “Slechts door te improviseren konden gebrek aan materieel en de gevolgen van ad hoc voorbereiding worden goedgemaakt. Dit wekt de indruk dat de krijgsmacht op deze schaal onder deze condities op een haalbare en houdbare wijze buitenlandse missies kan uitvoeren, terwijl dat twijfelachtig is”, aldus de Rekenkamer.

Grenzen aan improvisatie en ‘can do’-mentaliteit
De minister van Defensie wordt wederom op het hart gedrukt ervoor te zorgen “dat eenheden die zich voorbereiden op missies beschikken over voldoende en adequaat oefenmaterieel.” In dit verband wijst de Algemene Rekenkamer met nadruk op “de doelstelling van Defensie om in 2021 de gereedheid van alle legeronderdelen weer op orde te hebben. De hoeveelheid missies waarbij de krijgsmacht is betrokken vormt daarvoor een reëel risico.”

“De missie Mali is tot dusver steeds jaarlijks verlengd. Deze repeterende korte termijn opzet versterkte het vertrouwen op de ‘can do’-mentaliteit. Bij problemen wierpWs Moeizaam Mali Mortierschieten in Mali 4 de verwachte korte resterende duur van de missie bij het ministerie bij herhaling ook de vraag op of het nog wel zinvol was om structurele oplossingen voor problemen te zoeken. (-) Het vermogen van de krijgsmacht om haar taken uit te blijven voeren komt door deze manier van werken steeds verder onder druk te staan. Er zijn grenzen aan datgene wat met improvisatievermogen en ‘can do’-mentaliteit kan worden opgevangen. (-) Het is aan de politiek en militaire top die grenzen te bewaken.”


Intussen is bekend geworden dat het kabinet de Nederlandse deelname aan MINUSMA in 2019 wil beëindigen ten behoeve van meer inzet in Afghanistan en Irak.

 


[1] De missiedruk is hoog: in 2017 voerde Nederland 18 militaire missies uit in 17 landen. Verder kampt de minister van Defensie in toenemende mate met een gebrek aan materieel en getraind personeel.

In afwachting van het Defensie Operationeel Kleding Systeem

De rode baretten (Luchtmobiel) die binnenkort op uitzending gaan naar Mali kunnen zich in het nieuw uitdossen. Sinds beschikken ze over nieuwe gevechtskleding die op … door de Commandant der Strijdkrachten luitenant-admiraal Rob Bauer hoogstpersoonlijk werd uitgereikt.Ws Tussentijdse Gevechtskleding

Het nieuwe gevechtspak[1] is bestemd voor alle militairen die de komende 2 jaar worden uitgezonden. De andere collega’s kunnen naar verwachting in 2020 beschikken over de nieuwe outfit die de huidige, verouderde, gevechtskleding uit de jaren ’90 vervangt.

‘De beste kleding’
De CDS is lovend over het nieuwe vlekkenpak, aangeschaft via de inkooporganisatie van de NAVO. Naast investeringen in nieuw materieel investeert Defensie ook in “de persoonlijke uitrusting van onze mensen. Daar is dit pak een mooi voorbeeld van”, liet Bauer tevreden optekenen. Door inschakeling van de inkopers van het bondgenootschap lukt het Defensie de collega’s die worden uitgezonden rap in “de beste kleding” te steken.

Die “beste kleding” is overigens bedoeld als “een tijdelijke oplossing” waarmee de periode tot de invoering van het nieuwe Defensie Operationeel Kleding Systeem (DOKS) in 2020. De “totale uitrol” voor de krijgsmacht neemt, naar verluidt, tweeëneenhalf jaar in beslag.

Ws Tussentijdse Gevechtskleding In het veldExtra militairen naar Afghanistan
Hoogstwaarschijnlijk zullen ook de collega’s die straks als “extra” naar Afghanistan gaan gestoken worden in het nieuwe gevechtstenue. Het kabinet is van plan zo’n 30 tot 60 militairen als trainers uit te zenden naar het Centraal-Aziatische land dat sinds mensenheugenis geplaagd wordt door (etnische en politieke) strijd.  

In Afghanistan zijn nu 100 Nederlandse militairen actief in het kader van de NAVO-missie Resolute Support. De Verenigde Staten dringen echter al enige tijd aan op versterking van het Nederlandse contingent. Minister van Defensie Bijleveld zou hier wel oren naar hebben en voornemens zijn in juni de knoop door te hakken..

Special forces
De Nederlandse militairen zijn nu samen met Duitse collega’s actief in Mazar-e-Sharif in het noorden van het land. Hun voornaamste taak is de training van militairen en politieagenten. De extra inzet (commando’s en mariniers) zou nodig zijn voor training en coaching van speciale Afghaanse militaire eenheden (Special Forces). De extra eenheid Nederlandse militairen moet op 1 januari 2019 aan de slag gaan.
ieHHHh

 


[1] De nieuwe set gevechtskleding bestaat uit 3 gevechtsshirts, 2 gevechtsbroeken met geïntegreerde kniebeschermers, 3 veldshirts, 2 veldbroeken, een gevechtsparka met grote zakken (smockjas) en 2 hoofddeksels. Een van de verschillen is dat de ondershirts geen knoopjes meer hebben, die zaten oncomfortabel in combinatie met een scherfwerend vest. Ook de geïntegreerde kniestukken zijn nieuw. Alle kleding is uitgevoerd in multi-camouflage print.

Militair-Ambtenaar en Rechtspositie

Militairen en burgerambtenaren bij Defensie kunnen in hun ambt worden geschorst. Het is een zogenoemde ‘ordemaatregel’ die formeel behoorlijk ingrijpend is. Maar MAR Ws Defensie Opvang voor asielzoekers 09 15wat houdt een schorsing in en wat kun je als Defensiemedewerker ertegen doen?

Schorsing betekent dat de Defensiemedewerker niet langer zijn of haar ambt (formeel-inhoudelijk) mag bekleden. Het gaat dus verder dan ontheffing uit de functie of non-actiefstelling. De Defensiemedewerker moet de normale werkzaamheden die aan zijn ambt zijn verbonden – met ingang van de schorsingsmededeling abrupt neerleggen.

Vaak ‘voorportaal’ voor ontslag
Anders gezegd, de Defensiemedewerker wordt bij schorsing door de commandant of bevoegd gezag dwingend opgelegd dat hij of zij op geen enkele wijze nog langer als Defensieambtenaar mag opereren. Beroepsmilitairen mogen na schorsing niet meer in uniform gekleed gaan. Schorsing betekent niet automatisch dat het dienstverband wordt verbroken, hoewel het wel vaak een ‘voorportaal’ van ontslag vormt.

Voor beroepsmilitairen is schorsing geregeld in hoofdstuk 5 van het Algemeen militair ambtenarenreglement (AMAR) en voor burgerambtenaren bij Defensie in hoofdstuk 10 van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie (BARD).

Schorsing gaat in de praktijk vaak gepaard met een verbod om Defensieterreinen te betreden en contact op te nemen met Defensiemedewerkers. Het is goed voorstelbaar dat de schorsingsmaatregel voor de Defensiemedewerker niet alleen als een straf wordt aangemerkt maar ook als een vernedering wordt ervaren.

Zorgvuldige totstandkoming van het schorsingsbesluit
De commandant of het bevoegd gezag mag - volgens vaste rechtspraak - niet lichtvaardig tot schorsing van de Defensiemedewerker overgaan. Een schorsingsbesluit moet voortkomen uit gedegen onderzoek waarbij een zorgvuldige afweging van de belangen van de Defensiemedewerker en van de dienst (of Defensieonderdeel) heeft plaatsgevonden. Er moet dus – populair gezegd – ‘echt wat aan de hand zijn’ en door de commandant ‘goed naar de situatie zijn gekeken’.

MAR Ws PapperassenSchorsing van rechtswege en schorsing ‘bij beschikking’
De beroepsmilitair kan onder bepaalde omstandigheden (i) automatisch oftewel ‘van rechtswege’ worden geschorst of (ii) bij beschikking.

Ad.1 - Schorsing van rechtswege

Schorsing van rechtswege wordt opgelegd als de beroepsmilitair krachtens wettelijke maatregel van zijn vrijheid is beroofd, tenzij de vrijheidsbeneming het gevolg is van een maatregel die genomen is in het belang van de volksgezondheid, met uitzondering van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen.

Schorsing van rechtswege vindt ook plaats als een straf op grond van de Wet militair tuchtrecht is opgelegd.

Lees meer...

Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht-Inspecteur der Reservisten-Inspecteur der Veteranen

Hij signaleert, agendeert en adviseert. En, van vitaal belang, hij spreekt de taal van de militair (op de werkvloer). Maar commanderen, als hij dat al zou willen, doet de Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht/Inspecteur der Reservisten/Inspecteur der Veteranen (IGK) niet. Websize IGK Van Griensven gesticulerend

“Een koning zonder rijk”, typeerde luitenant-generaal Hans van Griensven, de zittende functionaris, de positie van de IGK eens. Invloed en (moreel) gezag, maar geen macht. Als het erop aankomt heeft hij geen duimschroeven voorradig als (angstwekkend) sanctiemiddel. “Nee, maar ik kan wel naar eer en geweten iemand een spiegel voorhouden. Wij noemen dat soft power: gezag, invloed, respect en een erkende adviesrol als instituut.”

Vijfenvijftigduizend commandanten
Zeker, dit kan wel eens tot frustraties leiden maar dat is een gevoel dat absoluut nooit lang blijft hangen in de statige gangen van de IGK burelen. (Kleine) teleurstellingen zijn nu eenmaal inherent aan de rol van adviseur. En bovendien als een “niet dwingend” advies niet stante pede wordt opgevolgd hoeft dat niet per se te betekenen dat de beslissing om dat niet te doen, onjuist is. “Men kan er op dat moment even niets mee maar wat geconstateerd en geadviseerd is, blijft wel overeind staan.”

Als onafhankelijk adviseur van de minister van Defensie heeft de opperofficier met drie inspectiepetten op, geen commandant boven zich. “Maar ik zeg er altijd gelijk bij dat ik als IGK in feite zo’n vijfenvijftigduizend commandanten heb, - alle Defensiemensen voor wie we werken”, stipuleert Van Griensven.

Behalve door drie distinctieve inspectiepetten wordt het werk van IGK met name ook gemarkeerd door vijf woorden, is de filosofie van de generaal. – Het is in ieder geval dé manier waarop hij zijn rol als opperbemiddelaar en -adviseur van de minister, inkleurt.
1. Luisteren, 2. Begrip (Empathie), 3. Actie, 4. Communicatie en 5. Leiderschap. En (goed) leiderschap is de bindende factor voor de vier voorgaande attitudes.

Goed communiceren
Op ‘De Zwaluwenberg’, het rustieke Gooise landgoed met dito opstallen waar de Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht resideert, gaat van Griensven er eens goed voor zitten om die “begrippen” van de drievoudige inspecteur nader te duiden.
Van eminent belang is “goed luisteren naar wat de mensen op werkvloer te vertellen hebben en daar de tijd voor nemen. Laat blijken dat je ze begrijpt en met ze kunt meevoelen. Maar daar mag het niet bij blijven. Je moet ook actie ondernemen en iets doen voor de mensen die je hun zorgen e.d. hebben toevertrouwd.”Websize IGK Van Griensven op werkbezoek Wapenbroeders Zuid

Het hartenbloed is evenwel goed communiceren: top-down en bottom-up. In de praktijk (bij zijn werk- en andere bezoeken) komen de IGK veel ‘problemen’ ter ore die in essentie terug te voeren zijn op een gebrek aan c.q. een gebrekkige communicatie. “We weten heel vaak niet van elkaar wat we aan het doen zijn. Ik spreek mensen op de werkvloer die op een heel stellige manier tegen dingen aankijken die niet op feiten is gestoeld. Als ik dan aangeef hoe de vork werkelijk in de steel zit dan hoor je: ‘O, maar dat wisten we niet’. Een goede communicatie is onontbeerlijk. De mensen zonder opsmuk vertellen wat er speelt en de zaken goed uitleggen. Als je mensen in het ongewisse laat gaan ze dingen verzinnen en dat wil je niet.”    

Maar goed en effectief communiceren is geen sinecure, blijkt uit de werkpraktijk van alle dag. Dit manco zou voornamelijk zijn toe te schrijven aan het onvermogen om elkaar goed te (willen) begrijpen.
Volgens de IGK ligt de oorzaak van veel communicatieproblemen en ander ongerief in het niet goed of selectief luisteren. Toch is er bij Defensie een hele waaier aan informatie- en communicatiekanalen voorhanden in de vorm van bladen en (intranet) bulletinboards waaraan men zich informatief laven kan. “Maar kennelijk is dat niet voldoende. Ik zeg dan ook altijd tegen commandanten: ‘Jullie moeten beter met je mensen communiceren’. Frappez toujours, waar het maar kan.”

Lees meer...

Eindelijk gerechtigheid!

Met ons artikel in ACOM Journaal van juni 2017[1] over de problematiek rondom contracten ‘Individuele Inzet Reservisten’ bij de CLAS (IIR-contracten) hebben we, Websize IIR Fitheidstraining Natres Haagse eenheden 09 14 2na een slopende (en later bleek onnodige) procedure, uiteindelijk toch succes geboekt.

Nog even ter herinnering: een IIR-contract zorgt ervoor dat alle werkafspraken en rechten met de betrokken reservist op papier worden gezet. Dan gaat het over zaken zoals:

-          werktijden,

-          rang,

-          werkplek,

-          toekenning verlofdagen,

-          doorbetaling loon bij ziekte.

Allemaal volstrekt normale zaken die duidelijkheid scheppen voor beide partijen. Men weet waar men aan toe is!

Verandering in rechtspositie
In genoemd artikel vermeldden wij eerst dat een IIR contract voor meer dan 24 uur en voor 2 opdrachtgevers (nl. CLAS en CLSK) niet was toegestaan. Vervolgens hebben wij de formele bezwaarschriftprocedure opgestart. Allereerst werden de bezwaren door middel van een rekest schriftelijk bij Staf CLAS bekend gemaakt. Daarop volgde, zoals te verwachten was, een afwijzing. In die reactie werd gesteld dat de rechtspositie van de rekestrant niet was veranderd. Dit klopt dus niet. Er is wel degelijk sprake van een verandering in de rechtspositie van betrokkene. Er worden hem namelijk rechten onthouden. Dit heet formele rechtskracht en betekent niet anders dan als er een systeem met meer rechtswaarborgen gevolgd kan worden dit dan ook dient te gebeuren. Dit uiteraard in het kader van het verschaffen van rechtszekerheid. Als reservisten ergens behoefte aan hebben dan is het wel rechtszekerheid en dat is ze ook van harte gegund.

Websize IIR Overleg bij schietoefening CCie in SchaarsbergenJuridisch vervolgtraject
De volgende stap was uiteraard het indienen van een bezwaarschrift bij het Dienstencentrum Juridische Dienstverlening (JDV) en (het verschijnen op) een hoorzitting. Uiteraard hebben wij met onze cliënt deze uitdaging aangepakt. Maar de hoorzitting ten spijt kregen wij ook daar een afwijzing te verstouwen. Hierna lag echter de weg open naar de Rechtbank Sector Bestuursrecht te Den Haag. In het aanvullend beroepschrift hebben wij andermaal de navolgende motiveringen geformuleerd:

  1. Defensie dient zich te gedragen als een goed werkgever
  2. Het geldend maken van werkafspraken op formele wijze
  3. Er is geen wet- en regelgeving dat meerdere werkafspraken voor verschillende opdrachtgevers niet is toegestaan
  4. De constante problematiek rondom tijdige uitbetaling via ingediende appellijsten (ter info: via IIR-contract volgt automatisch uitbetaling)
  5. Commandanten van reserve-eenheden zijn niet op de hoogte van status uitbetaling loon via appellijsten.
  6. Alle relevante arbeidsvoorwaarden zoals uitbetaling ziektedagen, toekenning verlofdagen etc. worden automatisch geregeld via IIR-Contracten
  7. Een integrale en zorgvuldige verwerking en vastlegging van alle rechten en plichten.

Lees meer...

Militair-Ambtenaar en Rechtspositie

Elke Defensiemedewerker wordt geacht integer te handelen. Dit houdt in dat de Defensiemedewerker de volgende persoonlijke eigenschappen bezit: betrouwbaar, Websize MAR 43 MechBrig Leo 1 bij Brig HQeerlijk, oprecht, onomkoopbaar en rechtschapen.

Je zou ook kunnen zeggen – kortgezegd - dat een integer Defensiemedewerker een ingeboren ‘radar’ heeft van wat moreel juist of slecht is. In de praktijk van alledag kunt u als integer Defensiemedewerker geconfronteerd worden met een (vermoedelijke) misstand of een misdraging. Hoe kunt u hier het beste mee omgaan? Er zijn een aantal opties die hieronder worden besproken.

Gedragscode Defensie
Defensie kent een zogenoemde ‘Gedragscode Defensie’. In deze gedragscode staat gedetailleerd beschreven wat Defensie onder integer gedrag verstaat. Deze gedragscode beschrijft een aantal uitgangspunten op het vlak van professioneel gedrag, fatsoenlijke omgangsvormen en goede samenwerking.

De belangrijkste punten van de gedragscode zijn:

  • Professionaliteit: het op het vereiste peil houden van kennis, vaardigheden en fysieke conditie;

  • Gemeenschappelijke taak en samenwerking: de defensiemedewerker werkt goed samen met collega’s en draagt mede verantwoordelijkheid voor hen en het team. De defensiemedewerker spreekt anderen aan op hun gedrag;

  • Verantwoordelijkheid: de defensiemedewerker moet zich onthouden van negatieve gedragingen die het belang en aanzien van Defensie (kunnen) schaden of een negatieve uitstraling heeft op de overige defensiemedewerkers of Defensie;

  • Integer en met respect handelen: de defensiemedewerker houdt zich aan de wetten en regels, misbruikt zijn macht of positie niet en onthoudt zich van ongewenst gedrag;

  • Veilige werkomgeving: de defensiemedewerker is medeverantwoordelijk voor de veiligheid van zichzelf en anderen.

Websize MAR Wetboeken openTwee soorten integriteitsschendingen
Er zijn twee soorten integriteitsschendingen:

  1. Zakelijke integriteitsschending: misbruik van defensievoertuigen, vriendjespolitiek, oneigenlijk gebruik van bevoegdheden, fraude, financiële malversaties en schending ambtsgeheim (ambtelijke corruptie);

Meldpunt Integriteit Defensie
Indien u van mening bent dat sprake is van een bovengenoemde misstand, dan heeft u het recht om hiervan melding te maken bij het Meldpunt Integriteit Defensie (MID). Dit kan per telefoon (0800-2255733, servicedesk, optie 4) of per e-mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.). Het MID is een onderdeel van de Centrale Organisatie Integriteit Defensie (COID).

Hoe wordt de melding of klacht behandeld?
Na de melding wordt door Defensie een COID-adviseur aangesteld die een feitenonderzoek uitvoert. Het onderzoek kan uitmonden in de schorsing van een persoon of het instellen van een strafrechtelijk onderzoek of het opleggen van disciplinaire maatregelen. De COID-adviseur bespreekt de situatie met de melder. De commandant of leidinggevende van de melder wordt van de melding op de hoogte gesteld.

Conflictbemiddeling
De COID-adviseur adviseert de klager over de juiste omgang met de situatie en zal bemiddeling aanbieden bij een integriteitsschending of misstand, zoals de inzet van een collega met gezag die het vertrouwen van betrokkenen geniet, de inschakeling van een vertrouwenspersoon (VP) of de interventie van een geestelijk verzorger of professionele mediator. Verder behoort bemiddeling van de Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht (IGK) tot de mogelijkheden . Het doel is te komen tot een werkbare oplossing zonder verdere escalatie.

Lees meer...