Contact met uw bond
033-4953020


De Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) werd op 4 april 1949 opgericht. In een twitterbericht van onze minister van Defensie lees ik dat de NAVO nog niet met pensioen kan.

Dat ben ik gaarne met haar eens. Maar de NAVO kampt eigenlijk met dezelfde problemen als de pensioenen in Nederland. Er is al jaren niet geïndexeerd en erger nog er is op bezuinigd. De NAVO-norm is 2% van het Bruto Nationaal Product, wij als een van de welvarendste landen binnen de NAVO komen niet verder dan een schandalige 1,14%. Wat dat tot gevolgen heeft laat zich raden.

Bij het afscheid van Mart de Kruif als Commandant van de Landstrijdkrachten werd door hem gewag gemaakt van de armoedige staat van ons landleger. De helft van het voertuigenpark staat stil als gevolg van achterstallig onderhoud en gebrek aan reservedelen. Eerder heb ik, met name ook op deze plaats, al genoemd: het gebrek aan munitie en wapensystemen.

Dan gaan we verder met onze hoogste generaal, de Commandant der Strijdkrachten (CDS). Die tijdens het ‘Elsevier Defensiedebat’ zegt dat de krijgsmacht zucht onder de bezuinigingen en dat haar slagkracht flink omhoog moet.

Maar beste generaal Tom Middendorp dat kan niet zonder geld erbij en dat weet u ook. Tot nu toe is daar weinig van terecht gekomen. Toch eens tijd om te gaan staken in plaats van altijd maar te vertrouwen op de loyaliteit van onze militairen.

Overigens stond in dit verband een aardige beeldspraak van de CDS in het Leidsch Dagblad: “Bij elke tegenslag schudt het Nederlandse leger trots de veren om vervolgens onverstoorbaar verder te gaan”. Waarop de schrijver van het artikel reageerde: “Het is lastig schudden met veren die allang zijn geplukt.” Hulde voor deze scherpzinnige opmerking.

Dan onze nationale luchthaven Schiphol en de vliegmaatschappijen die er hun thuishaven hebben. Ze eisen onder meer dat er meer marechaussees komen om de rijen bij de paspoortcontrole kort(er) te houden. Maar ook hier is sprake van verdeling van schaarse middelen.

De politiek heeft immers besloten dat vanwege verhoogde dreiging van terrorisme de marechaussee een Hoger Risico Beveiligingseenheid (6 pelotons) moest oprichten van in totaal 360 personen. Dit keer werd daar zowaar geld voor beschikbaar gesteld.

Lees meer: Voorwoord AJ#04-16

Het is weer zover. Hebben we eindelijk het grootste deel van de discussie over de F-35, de Joint Strike Fighter, gehad (er worden nog steeds Kamervragen gesteld over dollarkoers en geluidsnormen), komen we bijna vanzelf in de volgende discussie over de vervanging van de onderzeeboten uit de Walrusklasse.

Nou heb ik alleen verstand van rechtspositie en arbeidsvoorwaarden van het Defensiepersoneel en niet van wapensystemen. Niet van tanks, niet van vliegtuigen, niet van schepen en boten en niet van de bommen en granaten die door al die platforms kunnen worden afgeschoten.

Maar ik ben daar eerlijk in. Als de dames en heren in de Tweede Kamer zich alleen zouden bemoeien met onderwerpen waar zij verstand van hebben hadden ze het veel gemakkelijker en hielden ze zeeën van tijd over.

De vraag moet natuurlijk zijn: ‘Hebben we, gezien de taak van de krijgsmacht, deze wapensystemen nodig. Als die vraag met ‘ja’ beantwoord wordt moeten die, zogenaamde, deskundigen zich er verder niet mee bemoeien anders dan controle uitoefenen op het proces.

Wat precies voor die taak nodig is moet je dan overlaten aan de echte deskundigen en die werken bij Defensie. Dat zijn ook de mensen die met deze wapensystemen de opgedragen taken moeten uitvoeren. Maar de discussie zal wel weer langs ‘de lijn van de boekhouder’ gevoerd worden.

Zoals al vaker gezegd, taak en middelen moeten in evenwicht zijn en dat is al jaren niet het geval. Dus zogenaamde deskundigen, zorg dat Defensie voldoende middelen heeft om het Defensiepersoneel met de best mogelijke middelen de taken te laten uitvoeren die u ze opgedragen heeft. Het Defensiepersoneel heeft daar recht op, - zeker gezien de gevaarlijke aard van het werk.

En dan heb ik het slechts over de onderzeeboten. Om nog even bij de Marine te blijven, de mijnenjagers hebben allang hun ‘houdbaarheidsdatum’ overschreden. Ze liggen meer stil door het ontbreken van reservedelen en uitval door technische storingen, dan dat ze varen. Zal ook wel weer een hele discussie worden door onze deskundigen in de Tweede Kamer.

Lees meer: Voorwoord AJ #03-16

In de Volkskrant van 5 februari jl., las ik een artikel onder de kop ‘Hoeveel krijgsmacht durft de EU te delen?’ Aanleiding van dit artikel was de ondertekening door de ministers van Defensie van Duitsland en Nederland van een maritiem samenwerkingsverband.

Het Seebataillon van de Duitse marine wordt geïntegreerd in de Koninklijke Marine waarbij heel nadrukkelijk het gezamenlijke gebruik van Zr. Ms. Karel Doorman wordt genoemd. Nu is er niets mis met (militaire) samenwerking, - met Duitsland gebeurt dit vooral met de Koninklijke Landmacht.

Met België hebben we onder andere samenwerkingsverbanden onder de vlag van de Admiraliteit Benelux en afspraken over de bewaking van het Benelux-luchtruim in het kader van Quick Reaction Alert (QRA). Met Engeland werken vooral onze mariniers al jaren gemeenschappelijk samen.

Zo zijn er vele samenwerkingsverbanden te noemen. Daarnaast werkte en werken Nederlandse militairen gezamenlijk met andere krijgsmachten uit de EU, de Verenigde Staten en andere landen in het verband van velerlei uitzendingen en missies waar ook ter wereld.

Waar wil ik heen met deze opsomming? Wij als bond zijn toch niet van de “bommen en granaten” maar vooral voor de rechtspositie van de Defensiemedewerkers? Welnu, dat is precies waar ik heen wil. De arbeidsvoorwaarden en rechtspositie van het Nederlandse Defensiepersoneel mogen in geen geval discussie worden in welk samenwerkingsverband dan ook.

Ook als Nederlandse eenheden onder bevel staan van een bondgenoot moet het duidelijk zijn dat de Nederlandse rechtspositie van toepassing is. In mijn tijd heette dat OOB “onder operationeel bevel”. Bij mijn gesprekken met de collega’s de afgelopen jaren in de diverse missiegebieden werd menigmaal de discussie gestart dat het bij andere landen allemaal veel beter geregeld en betaald werd.

Lees meer: Voorwoord AJ #02-16

Het nieuwe jaar begint traditiegetrouw met veel vuurwerk. Nederland schoot met oud en nieuw voor € 70 miljoen de lucht in. Niet dat ik tegen vuurwerk ben maar ik zou toch een veel betere bestemming weten voor die 70 miljoen.

Waar ook weinig rekening mee gehouden wordt is dat er mensen zijn die het mooi en leuk vinden vuurwerk af te steken. De overheid tracht dan nog wel tegen te gaan dat dit bij of in de nabijheid van bijvoorbeeld verzorgingstehuizen, ziekenhuizen en andere gevoelige plaatsen gebeurt, maar veel helpt dat niet.

Waar helemaal geen rekening mee gehouden wordt is dat er mensen zijn in Nederland die helemaal niet tegen vuurwerk kunnen door omstandigheden die zij hebben meegemaakt. Ik noem hierbij op de eerste plaats onze veteranen die PTSS hebben en de knallen vergelijken met oorlogsgeluiden.

Een andere groep mensen die een soortgelijk gevoel overhoudt aan dit vuurwerk zijn de asielzoekers uit oorlogsgebieden waar bombardementen en beschietingen aan de orde van de dag waren.

Tweemaal jammer dus: Mensen die er echt last van hebben en onnodige geldsmijterij. Ik besteed er dus ook geen geld aan en ik hoop dat de gelukzalige afschieters voortaan beseffen wat zij doen en rekening houden met de medemens.

Lees meer: Voorwoord AJ #01-16

Dit is het laatste ACOM Journaal van 2015, - het decembernummer. We gaan naar het einde van het jaar en vieren eerst het Kerstfeest. Kerstfeest heeft ook altijd als thema ‘vrede op aarde’.

In deze tijd van het jaar is de vrede echter ver te zoeken. Eerst een Russisch passagiersvliegtuig dat door een aanslag neerstort in de Sinaï. Dan de aanslagen in Parijs met 130 dodelijke slachtoffers. Vanwege dit drama kondigt de Franse regering de noodtoestand af en het Parijse straatbeeld wordt bepaald door politie en militairen.

Dan blijkt het te gevaarlijk om een oefenwedstrijd Duitsland-Nederland te spelen vanwege het ernstige vermoeden van een aanslag, - politie en militairen op de straat. In België zitten vermoedelijk nog daders en terroristen verscholen in de Brusselse wijk Molenbeek en zijn er vermoedens van aanslagen in de Belgische hoofdstad.

Het dreigingsniveau wordt opgeschaald tot het hoogste niveau en het openbare leven komt tot stilstand, - politie en militairen op straat in de hoogste staat van paraatheid. Al deze gebeurtenissen worden gelinkt aan terreurorganisatie IS. Tot slot van deze akelige opsomming ook nog het neerhalen door Turkije (lid van de NAVO) van een Russisch gevechtsvliegtuig boven het Turks-Syrische grensgebied.

Dit alles leidt natuurlijk tot grote onrust bij de bevolking en bij onze regering. Toch ziet het kabinet (nog) geen reden het dreigingsniveau te verhogen. Intussen gaat ook de stroom vluchtelingen naar ons land gestaag door en daar moet ook mee worden omgegaan. Dus overweeg het kabinet onder meer het Schengenakkoord aan te passen en de landsgrenzen, - of met enkele andere landen een ‘mini Schengen gebied’ -, te gaan bewaken.

Tijdens dit alles is juist de begroting van Justitie en Veiligheid aan de orde in de Tweede Kamer. En zowaar het parlement zorgt ervoor dat het budget van dit ministerie verhoogt wordt met 250 miljoen vanwege alle onrust.

Maar zoals ik hierboven al schreef, als het gaat om (onze) veiligheid zie je politie en militairen gezamenlijk aan het werk. Daarenboven is de bewaking van de landsgrenzen een marechausseetaak. Wat moet er dan nog meer gebeuren om over te gaan tot ophoging van het Defensiebudget? Iets wat andere landen wel degelijk doen.

Lees meer: Voorwoord nummer 12

Het is november en dat betekent dat we weer in de wintertijd zitten. De laatste paar dagen van oktober en de eerste dagen van november beginnen mistig. Ook in november wordt jaarlijks de Defensiebegroting besproken in de Tweede Kamer, - over mistig gesproken! Maar eerst even een paar heldere observaties.

Nadat de ACOP-FNV het kort geding tegen Binnenlandse Zaken en de andere 3 centrales over het bovensectorale loonakkoord had verloren ging ze in ‘turbo hoger beroep’ tegen deze uitspraak. Ook in hoger beroep oordeelde de rechter dat er open en reëel overleg was gevoerd en dat de overeenkomst dus overeind bleef.
Dat heeft binnen de sector Defensie geleid tot een uitvoeringsovereenkomst loonakkoord en de resultaten daarvan zijn inmiddels via de uitbetaling in oktober te zien op het loonstrookje. Per 1 januari 2016 komt er nog eens 3% bij.

Na deze heldere uitspraken van de rechtbanken hoop ik dat de collega’s van de ACOP in het sectoroverleg zich daarbij neerleggen en tot de conclusie komen dat er nog veel werk ligt te wachten in de verdere besprekingen om te komen tot een volledig arbeidsvoorwaardenakkoord.
En dat ze nu weer constructief (gaan) meedoen met de collega’s van de andere 3 centrales. Een gesloten vakbondsfront is noodzakelijk om tot mooie resultaten te komen.

De beleidsagenda behorende bij de Defensiebegroting 2016 was ook helder. Er moest meer gedaan worden met reservisten en daarvoor zouden er pilots worden uitgevoerd. Als ik dan in diezelfde tijd hoor dat het Commando Landstrijdkrachten geen geld meer heeft om de reservisten te betalen en dus het aantal opkomsturen schrapt, snap ik het even niet meer. Is dit een pilot of het zoveelste bewijs dat er onvoldoende geld is bij Defensie?

In het vorige ACOM Journaal had ik mijn hoop gevestigd op de Tweede Kamer om n.a.v. de Defensiebegroting eens uit te voeren wat Kamerleden in koor in de media hadden geroepen: dat er meer geld naar Defensie moest! Maar dat werd de zoveelste teleurstelling. Allereerst worden in het politieke proces door de vaste commissie voor Defensie schriftelijke vragen gesteld.

Lees meer: Voorwoord nummer 11